Het bijenvolk

Een bijenvolk is een bijzonder georganiseerde gemeenschap waarin duizenden honingbijen samenwerken. In een sterke bijenkast kunnen tijdens de zomer wel 40.000 tot 60.000 bijen leven. Ondanks dit indrukwekkende aantal verloopt het leven in de kast meestal op een georganiseerde manier. Iedere bij draagt op haar eigen manier bij aan het functioneren van het volk.

Terwijl een deel van de werkbijen nectar en stuifmeel verzamelt, verzorgen andere bijen het broed, bouwen ze nieuwe honingraten of bewaken ze de ingang van de kast. Ondertussen legt de koningin nieuwe eitjes, waardoor het volk zich voortdurend kan vernieuwen.

Een bijenvolk bestaat uit drie verschillende groepen: de koningin, de werkbijen en de darren. Iedere groep heeft een eigen functie. Samen vormen zij een gemeenschap die zich voortdurend aanpast aan de seizoenen, de beschikbare voedselbronnen en de omstandigheden in de natuur.

Het bijzondere is dat een honingbij buiten haar volk nauwelijks zelfstandig kan overleven. Juist de samenwerking maakt het mogelijk dat een bijenvolk jarenlang kan blijven bestaan, terwijl de meeste individuele bijen slechts enkele weken leven.

De geschiedenis van onze kennis over het bijenvolk

Mensen houden al duizenden jaren honingbijen. In het oude Egypte werden bijen gehouden in eenvoudige korven en aardewerken behuizingen. Honing was een belangrijk voedingsmiddel en bijenwas werd gebruikt voor verlichting, ambachten en verschillende andere toepassingen.

Toch begreep men lange tijd niet precies hoe een bijenvolk functioneerde.

In de oudheid werd gedacht dat het volk werd geleid door een koning. De grote bij die tussen de werkbijen rondliep, werd daarom lange tijd als mannelijk beschouwd.

In de zeventiende eeuw ontdekte de Nederlandse natuuronderzoeker Jan Swammerdam door anatomisch onderzoek dat deze zogenaamde koning in werkelijkheid een vrouwelijke bij was.

Daarmee werd een belangrijke stap gezet in het begrijpen van de voortplanting van honingbijen.

In de achttiende eeuw onderzocht de Zwitserse onderzoeker François Huber het gedrag van bijen. Zijn waarnemingen leverden belangrijke inzichten op over de koningin, haar voortplanting en de organisatie van het bijenvolk.

Een volgende grote ontwikkeling kwam in de negentiende eeuw, toen bijenkasten met uitneembare ramen steeds verder werden ontwikkeld.

Hierdoor konden imkers het broednest onderzoeken zonder de honingraten te vernietigen.

Later werd ook duidelijk hoe honingbijen met elkaar communiceren. De Oostenrijkse onderzoeker Karl von Frisch ontdekte onder andere hoe bijen met behulp van de bijendans informatie over voedselbronnen doorgeven.

Dankzij deze ontdekkingen begrijpen we tegenwoordig veel beter hoe een bijenvolk als één geheel functioneert.

Hoe is een bijenvolk opgebouwd?

Een bijenvolk bestaat uit een koningin, duizenden werkbijen en gedurende een deel van het jaar ook darren.

De samenstelling verandert voortdurend.

In het voorjaar groeit het aantal werkbijen snel. Tijdens de zomer bereikt het volk meestal zijn grootste omvang. In het najaar neemt het aantal bijen weer af en bereidt het volk zich voor op de winter.

Een sterk bijenvolk kan tijdens de zomer bestaan uit ongeveer 40.000 tot 60.000 werkbijen, één koningin en enkele honderden tot duizenden darren.

In de winter zijn er veel minder bijen aanwezig en ontbreken de darren meestal.

De drie groepen verschillen niet alleen in uiterlijk, maar ook in hun ontwikkeling, levensduur en werkzaamheden.

De koningin: het voortplantingscentrum van het volk

De koningin is de belangrijkste voortplantende bij van het volk.

In een normaal functionerend bijenvolk is meestal één koningin aanwezig. Haar belangrijkste taak is het leggen van eitjes waaruit nieuwe werkbijen en darren ontstaan.

Een sterke koningin kan tijdens de belangrijkste groeiperiode ongeveer 1.500 tot 2.000 eitjes per dag leggen.

Daarmee kan zij ervoor zorgen dat een bijenvolk in het voorjaar snel groeit.

De koningin is groter en langer dan een werkbij. Vooral haar achterlijf is duidelijk ontwikkeld, omdat daarin de voortplantingsorganen liggen.

Naast het leggen van eitjes produceert de koningin verschillende geurstoffen, ook wel feromonen genoemd.

Deze stoffen spelen een belangrijke rol in de communicatie en organisatie van het volk. Ze helpen onder andere bij het herkennen van de aanwezigheid en toestand van de koningin.

Toch bestuurt de koningin het volk niet zoals een menselijke leider dat zou doen. Veel beslissingen binnen het bijenvolk ontstaan door de gezamenlijke reacties en gedragingen van werkbijen.

Hoe ontstaat een nieuwe koningin?

Een koningin ontstaat uit een bevrucht eitje, net als een werkbij.

Het verschil ontstaat tijdens de verzorging van de jonge larve.

Wanneer het volk een nieuwe koningin wil grootbrengen, bouwen de werkbijen een speciale koninginnencel. De jonge larve krijgt gedurende haar ontwikkeling grote hoeveelheden koninginnengelei.

Hierdoor ontwikkelt zij zich anders dan een gewone werkbij.

Een koningin heeft ongeveer zestien dagen nodig om zich van eitje tot volwassen bij te ontwikkelen.

Na het uitlopen moet zij nog geslachtsrijp worden en tijdens één of meerdere bruidsvluchten paren met darren.

Pas daarna kan zij bevruchte eitjes gaan leggen.

Hoe lang leeft een koningin?

Een koningin kan onder gunstige omstandigheden drie tot vijf jaar leven, hoewel veel koninginnen eerder worden vervangen.

Wanneer een koningin ouder wordt of minder goed functioneert, kunnen de werkbijen besluiten een nieuwe koningin groot te brengen.

Dit wordt stille moerwisseling genoemd wanneer het volk de koningin vervangt zonder zich daarbij op te splitsen door te zwermen.

De werkbijen: de werkers van het bijenvolk

Werkbijen vormen veruit het grootste deel van een bijenvolk.

Het zijn vrouwelijke bijen waarvan de voortplantingsorganen normaal gesproken niet volledig ontwikkeld zijn. In een gezond volk met een goed functionerende koningin leggen werkbijen doorgaans geen eitjes.

Zij voeren vrijwel alle werkzaamheden uit die nodig zijn om het volk in leven te houden.

Werkbijen verzorgen het broed, bouwen honingraten, verwerken nectar, verzamelen stuifmeel, bewaken de kast en helpen bij het regelen van de temperatuur.

Een werkbij ontwikkelt zich in ongeveer 21 dagen van eitje tot volwassen bij.

In de zomer leeft een volwassen werkbij meestal vier tot zes weken. Winterbijen kunnen daarentegen meerdere maanden leven.

De eerste dagen: schoonmaken

Wanneer een jonge werkbij uit haar broedcel kruipt, begint zij meestal met eenvoudige werkzaamheden binnen de kast.

Een van haar eerste taken is het schoonmaken van lege broedcellen.

Hierdoor worden deze cellen opnieuw geschikt gemaakt voor de koningin om eitjes in te leggen.

Ook helpt zij bij het onderhouden van de raten.

Deze eerste werkzaamheden vinden meestal plaats tijdens de eerste drie levensdagen.

De voedsterbij: jonge bijen verzorgen

Vanaf ongeveer de derde levensdag kunnen jonge werkbijen steeds meer betrokken raken bij het verzorgen van het broed.

Hun voedersapklieren ontwikkelen zich en produceren stoffen die nodig zijn om jonge larven te voeden.

De voedsterbijen controleren regelmatig de broedcellen en zorgen ervoor dat de larven voldoende voedsel krijgen.

Ook helpen werkbijen met het verzorgen en voeden van de koningin.

Deze werkzaamheden vinden vaak plaats gedurende de eerste anderhalve week van het volwassen leven.

De bouwbij: honingraten maken

Wanneer een werkbij ongeveer tien tot achttien dagen oud is, kunnen haar wasklieren bijzonder actief zijn.

Met deze klieren produceert zij kleine schubjes bijenwas.

De werkbijen gebruiken deze was om nieuwe honingraten te bouwen en bestaande raten te herstellen.

De zeshoekige cellen van de honingraat worden gebruikt voor het grootbrengen van broed en het bewaren van honing en stuifmeel.

Naast het bouwen helpen werkbijen in deze periode ook bij het verwerken van nectar tot honing.

De bewaakbij: de ingang beschermen

Sommige werkbijen nemen later in hun leven de taak van bewaakbij op zich.

Deze bijen bevinden zich vooral bij de vliegopening van de kast.

Met behulp van geurstoffen kunnen zij onderscheid maken tussen bijen van het eigen volk en mogelijke indringers.

Wanneer bijvoorbeeld wespen of vreemde bijen proberen binnen te dringen, kunnen de bewaakbijen reageren.

Deze taak wordt vaak uitgevoerd door werkbijen van ongeveer twee tot drie weken oud, maar de leeftijd kan verschillen.

De haalbij: voedsel verzamelen

Vanaf ongeveer de derde levensweek beginnen veel werkbijen met het verzamelen van voedsel buiten de kast.

Deze bijen worden haalbijen genoemd.

Zij vliegen naar bloemen om nectar en stuifmeel te verzamelen.

Daarnaast halen zij water en plantaardige harsen die in de kast worden verwerkt tot propolis.

Haalbijen kunnen meerdere vluchten per dag maken. De afstand die zij afleggen, hangt af van de beschikbare voedselbronnen.

Het verzamelen van voedsel is zwaar werk. Door het vele vliegen slijten de vleugels en raakt het lichaam geleidelijk uitgeput.

Daarom sterven veel zomerbijen na enkele weken.

De leeftijd waarop een werkbij een bepaalde taak uitvoert, ligt overigens niet helemaal vast. Wanneer het volk extra voedsterbijen of haalbijen nodig heeft, kan de taakverdeling veranderen.

De darren: de mannelijke honingbijen

Darren zijn de mannelijke bijen van het volk.

Ze zijn meestal groter en steviger gebouwd dan werkbijen en hebben opvallend grote ogen.

Darren ontstaan uit onbevruchte eitjes die door de koningin worden gelegd.

Hun ontwikkeling duurt ongeveer 24 dagen.

De belangrijkste biologische functie van een dar is het paren met een jonge koningin.

Darren verzamelen zelf geen nectar of stuifmeel en hebben geen angel.

Ze worden gevoed vanuit de voedselvoorraden van het volk en kunnen ook zelf voedsel opnemen uit de raten.

Tijdens de lente en zomer kunnen er honderden tot duizenden darren aanwezig zijn.

Hoe vindt de paring plaats?

Wanneer een jonge koningin geslachtsrijp is, verlaat zij de kast voor één of meerdere bruidsvluchten.

Darren verzamelen zich op speciale plaatsen in de lucht, waar zij wachten op jonge koninginnen.

Tijdens een succesvolle paring draagt een dar zijn sperma over aan de koningin.

De dar sterft direct na de paring.

Een koningin paart doorgaans met meerdere darren en slaat het sperma op in een speciaal orgaan.

Hiermee kan zij gedurende een groot deel van haar verdere leven bevruchte eitjes produceren.

Wat gebeurt er met de darren in het najaar?

Aan het einde van de zomer neemt de behoefte aan darren af.

Wanneer er minder nectar beschikbaar is en het bijenvolk zich voorbereidt op de winter, worden de darren meestal niet meer toegelaten tot de voedselvoorraden.

Werkbijen kunnen de darren uit de kast verdrijven.

Dit verschijnsel wordt de darrenslacht genoemd.

De meeste bijenvolken overwinteren daarom zonder darren.

Hoe communiceren bijen met elkaar?

Een bijenvolk kan alleen goed functioneren wanneer de bijen voortdurend informatie met elkaar uitwisselen.

Daarvoor gebruiken honingbijen verschillende vormen van communicatie.

Geurstoffen en feromonen

Geurstoffen spelen een belangrijke rol in het bijenvolk.

De koningin produceert feromonen die informatie geven over haar aanwezigheid en toestand.

Ook werkbijen produceren geurstoffen.

Sommige stoffen helpen bijen om elkaar te herkennen, terwijl andere worden gebruikt om alarm te slaan bij gevaar.

De bijendans

Een van de bekendste vormen van communicatie is de bijendans.

Wanneer een haalbij een goede voedselbron ontdekt, kan zij in de kast een dans uitvoeren.

Met de richting en duur van de bewegingen geeft zij informatie over de richting en afstand van de voedselbron.

Andere bijen kunnen deze informatie gebruiken om dezelfde bloemen te vinden.

De bijendans is vooral belangrijk wanneer voedsel op grotere afstand van de kast beschikbaar is.

Trillingen en aanraking

Bijen communiceren ook met trillingen en lichamelijk contact.

Door elkaar aan te raken en trillingen door de raten te verspreiden, kunnen zij reageren op veranderingen in het volk.

Ook het doorgeven van voedsel tussen bijen speelt een rol in de uitwisseling van voedingsstoffen en informatie.

Hoe regelen bijen de temperatuur in de kast?

Een bijenvolk moet de temperatuur van het broednest zorgvuldig regelen.

Voor een goede ontwikkeling van het broed wordt de temperatuur meestal rond de 34 tot 35 graden Celsius gehouden.

Wanneer het koud is, produceren werkbijen warmte door hun vliegspieren te gebruiken zonder daadwerkelijk te vliegen.

Bij warm weer kunnen bijen met hun vleugels ventileren.

Ook verzamelen zij water dat in de kast kan verdampen en zo voor verkoeling zorgt.

Door deze samenwerking kunnen bijen het broednest onder uiteenlopende weersomstandigheden op een geschikte temperatuur houden.

Hoe verandert een bijenvolk gedurende het jaar?

Een bijenvolk blijft niet het hele jaar even groot.

In het voorjaar begint de koningin steeds meer eitjes te leggen. Daardoor groeit het aantal werkbijen.

Tijdens de late lente en zomer kan een sterk volk uitgroeien tot ongeveer 40.000 tot 60.000 bijen.

In deze periode wordt veel nectar en stuifmeel verzameld en kan het volk honingvoorraden opbouwen.

Wanneer de zomer voorbij is, neemt de eileg geleidelijk af.

Het aantal werkbijen wordt kleiner en het volk begint zich voor te bereiden op de winter.

In de winter kan een bijenvolk uit ongeveer 10.000 tot 20.000 bijen bestaan, afhankelijk van de sterkte van het volk en de omstandigheden.

Deze winterbijen leven langer dan gewone zomerbijen.

Ze vormen bij koud weer een wintertros en gebruiken de opgeslagen voedselvoorraad om te overleven.

Wanneer het voorjaar terugkeert, begint de cyclus opnieuw.

Waarom is een sterk bijenvolk belangrijk?

Een gezond en goed ontwikkeld bijenvolk heeft voldoende werkbijen nodig om alle werkzaamheden uit te voeren.

Wanneer er veel jonge werkbijen aanwezig zijn, kan het broed goed worden verzorgd.

Ook zijn er voldoende bijen beschikbaar om nectar en stuifmeel te verzamelen.

Toch is een groot volk niet automatisch een gezond volk.

De gezondheid van de koningin, de hoeveelheid voedsel, de aanwezigheid van ziekten en de besmetting met varroamijten spelen allemaal een belangrijke rol.

Voor een imker is het daarom belangrijk om niet alleen naar het aantal bijen te kijken, maar ook naar de algemene ontwikkeling en gezondheid van het volk.

Veelgestelde vragen over het bijenvolk

Hoeveel bijen leven er in een bijenkast?

Een sterk bijenvolk kan in de zomer ongeveer 40.000 tot 60.000 bijen bevatten. In de winter ligt dit aantal meestal aanzienlijk lager.

Hoeveel koninginnen heeft een bijenvolk?

Normaal gesproken heeft een bijenvolk één koningin. Tijdens een koninginnenwisseling kunnen tijdelijk twee koninginnen aanwezig zijn.

Hoeveel eitjes legt een koningin?

Een sterke koningin kan tijdens de belangrijkste groeiperiode ongeveer 1.500 tot 2.000 eitjes per dag leggen.

Hoe lang leeft een werkbij?

Een werkbij leeft in de zomer meestal vier tot zes weken als volwassen bij. Winterbijen kunnen meerdere maanden leven.

Wat is het verschil tussen een werkbij en een dar?

Een werkbij is een vrouwelijke bij die vrijwel alle werkzaamheden in en buiten de kast uitvoert. Een dar is een mannelijke bij waarvan de belangrijkste functie het bevruchten van een jonge koningin is.

Kunnen bijen zonder koningin overleven?

Een bijenvolk kan tijdelijk zonder koningin blijven leven. Wanneer er voldoende jonge vrouwelijke larven aanwezig zijn, kunnen de werkbijen soms zelf een nieuwe koningin grootbrengen. Als dat niet meer mogelijk is, kan het volk uiteindelijk verloren gaan zonder hulp van een imker.

Een bijenvolk als één geheel

Een bijenvolk is veel meer dan een verzameling individuele bijen.

De koningin zorgt voor de voortplanting, de werkbijen verzorgen het broed en verzamelen voedsel, en de darren spelen een belangrijke rol bij het ontstaan van nieuwe generaties koninginnen.

Door voortdurend samen te werken, kunnen honingbijen zich aanpassen aan de veranderende omstandigheden in de natuur.

Iedere bij heeft haar eigen functie, maar het is vooral de samenwerking die ervoor zorgt dat het volk gezond blijft en kan groeien.

🐝 Door het leven van een bijenvolk te begrijpen, ontdek je hoe duizenden kleine insecten samen één bijzondere gemeenschap vormen waarin iedere bij bijdraagt aan het voortbestaan van het geheel.

Lees dit ook

Beginnen met bijen houden

Van eitje tot bij in 21 dagen

Hoe groot wordt een bijenvolk

Waarom zwermen bijen

Wanneer honing oogsten

Wat is varroa bij bijen