Wat is varroa bij bijen?

Een gezond bijenvolk bestaat uit duizenden bijen die voortdurend samenwerken. Werkbijen verzamelen nectar en stuifmeel, verzorgen het broed en houden de bijenkast schoon. Toch kan een bijenvolk ernstig verzwakken door een parasiet die met het blote oog nauwelijks opvalt.

Deze parasiet is de varroamijt.

De varroamijt is een van de grootste bedreigingen voor honingbijen in Nederland. De mijt leeft op volwassen bijen en plant zich voort in het afgesloten broed. Daarbij beschadigt hij de bijen en kan hij gevaarlijke virussen overbrengen.

Een bijenvolk kan er aan de buitenkant lange tijd gezond uitzien, terwijl het aantal varroamijten ondertussen steeds verder toeneemt.

Voor iedere imker is het daarom belangrijk om te begrijpen wat varroa is, hoe de parasiet zich ontwikkelt en waarom een goede controle gedurende het bijenseizoen noodzakelijk is.

De geschiedenis van de varroamijt

De varroamijt komt oorspronkelijk uit Azië. Daar leefde de parasiet op de Aziatische honingbij, Apis cerana.

Deze bijensoort heeft zich gedurende een lange periode aangepast aan de aanwezigheid van de mijt. Aziatische honingbijen beschikken over verschillende natuurlijke verdedigingsmechanismen waarmee zij de voortplanting van varroa kunnen beperken.

De Europese honingbij, Apis mellifera, had deze gezamenlijke ontwikkeling met de parasiet niet doorgemaakt.

In de twintigste eeuw kwam de varroamijt door het verplaatsen van honingbijenvolken ook terecht op de Europese honingbij. De mijt kon zich vervolgens over steeds grotere gebieden verspreiden.

De varroamijt die tegenwoordig wereldwijd de grootste problemen veroorzaakt bij Europese honingbijen, staat bekend als Varroa destructor.

In Nederland werd varroa in de jaren tachtig vastgesteld. Sindsdien is de parasiet een vast onderdeel geworden van de bijengezondheidszorg.

Waar imkers vroeger vooral rekening hielden met voedselvoorziening, weersomstandigheden en andere bijenziekten, werd het controleren en bestrijden van varroa een essentieel onderdeel van het imkeren.

Ook tegenwoordig wordt onderzoek gedaan naar betere bestrijdingsmethoden en naar honingbijenvolken die van nature beter met varroa kunnen omgaan.

Wat is een varroamijt?

De varroamijt is een kleine, uitwendige parasiet die leeft op honingbijen.

Een volwassen vrouwelijke varroamijt is ongeveer 1 tot 1,8 millimeter groot. De mijt heeft een platte, ovale vorm en is roodbruin van kleur.

Door deze vorm kan de mijt zich gemakkelijk tussen de lichaamsdelen van een bij verbergen.

De varroamijt voedt zich voornamelijk met het vetlichaam van de honingbij. Dit is een belangrijk weefsel dat onder andere betrokken is bij de energiehuishouding, opslag van voedingsstoffen en afweer.

Door dit weefsel aan te tasten, verzwakt de parasiet zowel volwassen bijen als jonge bijen die zich nog in het broed ontwikkelen.

Daarnaast kan varroa verschillende virussen overbrengen en versterken.

Vooral de combinatie van parasitaire schade en virusinfecties maakt varroa zo gevaarlijk.

Hoe plant de varroamijt zich voort?

De voortplanting van de varroamijt vindt plaats in het afgesloten broed van honingbijen.

Wanneer een bijenlarve bijna wordt verzegeld, kruipt een volwassen vrouwelijke varroamijt de broedcel binnen.

Nadat de werkbijen de cel hebben afgesloten, begint de mijt met haar voortplanting.

De moedermijt legt eitjes waaruit eerst een mannetje en vervolgens vrouwelijke mijten kunnen ontstaan.

De jonge mijten ontwikkelen zich in dezelfde broedcel als de bij.

Wanneer de volwassen bij uiteindelijk uit de cel kruipt, verlaten de moedermijt en de inmiddels volwassen vrouwelijke nakomelingen de cel.

Daarna kunnen zij opnieuw andere broedcellen binnendringen.

Waarom zit varroa vaak in darrenbroed?

Darren ontwikkelen zich langzamer dan werkbijen.

Een werkbij komt ongeveer 21 dagen na het leggen van het eitje uit de cel. Een dar heeft hiervoor ongeveer 24 dagen nodig.

Doordat darrenbroed langer verzegeld blijft, hebben varroamijten meer tijd om nakomelingen te produceren.

Daarom geven varroamijten vaak de voorkeur aan darrenbroed.

Dit verschil wordt door imkers gebruikt bij bepaalde biologische en biotechnische methoden om de hoeveelheid varroa in een volk te verminderen.

Waarom is varroa gevaarlijk voor bijen?

Een enkele varroamijt hoeft niet direct zichtbare problemen te veroorzaken. Het gevaar ontstaat vooral wanneer het aantal mijten in een bijenvolk toeneemt.

Tijdens het voorjaar en de zomer groeit het bijenvolk. Tegelijkertijd kan ook de varroapopulatie snel groeien doordat er veel broed beschikbaar is.

Wanneer een groot aantal mijten aanwezig is, kunnen steeds meer jonge bijen tijdens hun ontwikkeling worden beschadigd.

Deze bijen kunnen verzwakt uit hun cellen komen en een kortere levensduur hebben.

Daarnaast speelt de verspreiding van virussen een belangrijke rol.

Een van de bekendste virussen is het Deformed Wing Virus, afgekort DWV. Dit virus kan onder andere leiden tot misvormde vleugels.

Niet iedere besmette bij vertoont zulke zichtbare afwijkingen. Ook bijen die er normaal uitzien, kunnen door varroa en virusinfecties ernstig verzwakt zijn.

Hoe herken je varroa bij bijen?

Een varroabesmetting is niet altijd eenvoudig te herkennen.

In het begin kunnen de bijen zich normaal gedragen en kan het broednest er gezond uitzien.

Wanneer de besmetting verder toeneemt, kunnen verschillende verschijnselen zichtbaar worden.

Bijen met misvormde vleugels

Een bekend verschijnsel is een bij met kleine, gekreukelde of slecht ontwikkelde vleugels.

Deze afwijking kan worden veroorzaakt door een infectie met het Deformed Wing Virus, dat sterk samenhangt met varroa.

Bijen met misvormde vleugels kunnen vaak niet goed vliegen en overleven meestal niet lang.

Verzwakte bijen

Bij een ernstige besmetting kunnen jonge bijen minder vitaal zijn.

Sommige bijen kruipen voor de kast of kunnen niet meer normaal vliegen.

Dit kan verschillende oorzaken hebben en is daarom niet voldoende om alleen op basis hiervan varroa vast te stellen.

Een kleiner wordend bijenvolk

Een zwaar besmet volk kan in de nazomer of het najaar snel kleiner worden.

Er worden onvoldoende gezonde jonge bijen geboren om de oudere werkbijen te vervangen.

Hierdoor kan een volk uiteindelijk instorten.

Varroamijten op bijen

Soms is een roodbruine mijt zichtbaar op het lichaam van een bij.

Toch betekent het ontbreken van zichtbare mijten niet dat een volk vrij is van varroa.

Een groot deel van de mijten bevindt zich namelijk in het afgesloten broed of verscholen op volwassen bijen.

Daarom is meten betrouwbaarder dan alleen kijken.

Hoe controleer je een bijenvolk op varroa?

Omdat een varroabesmetting lange tijd onzichtbaar kan blijven, is het verstandig om de hoeveelheid mijten regelmatig te meten.

Hiervoor bestaan verschillende methoden.

De varroalade

Veel moderne bijenkasten hebben een gaasbodem met daaronder een uitschuifbare lade.

Deze wordt ook wel de varroalade genoemd.

Wanneer mijten van de bijen vallen, komen zij op de lade terecht. Door de lade gedurende enkele dagen te laten liggen, kan de imker tellen hoeveel mijten er zijn gevallen.

Vervolgens wordt het gemiddelde aantal mijten per dag berekend.

Stel dat er in drie dagen 18 mijten op de lade liggen. Dan is de gemiddelde mijtenval zes mijten per dag.

De betekenis van dit aantal hangt af van het seizoen, de hoeveelheid broed en de ontwikkeling van het bijenvolk. Er bestaat daarom geen enkele grenswaarde die gedurende het hele jaar voor ieder volk hetzelfde is.

De natuurlijke mijtenval geeft een aanwijzing, maar is niet altijd een nauwkeurige maat voor de totale besmetting.

De poedersuikermethode

Bij de poedersuikermethode wordt een afgemeten hoeveelheid volwassen werkbijen met poedersuiker behandeld, waardoor een deel van de aanwezige mijten loslaat.

Vervolgens worden de mijten geteld.

Deze methode kan een indruk geven van de besmettingsgraad, maar de nauwkeurigheid hangt sterk af van de uitvoering. Ook is de methode niet volledig zonder belasting voor de bijen.

De alcoholwasmethode

Bij een alcoholwas wordt een afgemeten hoeveelheid werkbijen verzameld en worden de aanwezige mijten met alcohol losgemaakt.

Hiermee kan de besmettingsgraad relatief nauwkeurig worden bepaald.

Een belangrijk nadeel is dat de onderzochte bijen hierbij sterven. De koningin mag daarom nooit in het monster terechtkomen.

Door het aantal mijten te vergelijken met het aantal onderzochte bijen, kan de imker de besmetting als percentage berekenen.

Bijvoorbeeld: wanneer er zes mijten worden gevonden op 300 onderzochte bijen, is de besmettingsgraad ongeveer 2%.

Welke uitslag aanleiding geeft tot behandeling, hangt af van het seizoen en de gebruikte meetmethode.

Wanneer moet je varroa bestrijden?

De bestrijding van varroa is een belangrijk onderdeel van de jaarlijkse verzorging van bijenvolken.

Vooral de periode na de laatste honingoogst is belangrijk.

In de nazomer begint het bijenvolk namelijk met de ontwikkeling van de bijen die het volk door de winter moeten helpen.

Deze winterbijen moeten gezond en sterk zijn.

Wanneer er op dat moment veel varroamijten aanwezig zijn, kunnen de jonge winterbijen al tijdens hun ontwikkeling beschadigd raken.

Een behandeling die pas wordt uitgevoerd wanneer het volk ernstig verzwakt is, kan deze schade niet meer ongedaan maken.

Daarom is het belangrijk om de varroabesmetting al tijdens het voorjaar en de zomer te volgen en niet automatisch tot het najaar te wachten.

Hoe kun je varroa bestrijden?

Er bestaan verschillende manieren om de hoeveelheid varroamijten in een bijenvolk te verminderen.

Welke methode geschikt is, hangt onder andere af van het seizoen, de hoeveelheid broed, de besmettingsgraad en het gebruikte middel.

Darrenbroed verwijderen

Omdat varroamijten zich graag voortplanten in darrenbroed, kan het verwijderen van verzegeld darrenbroed helpen om de hoeveelheid mijten te verminderen.

De imker laat hiervoor een speciaal darrenraam uitbouwen.

Wanneer het darrenbroed is verzegeld, wordt het raam verwijderd voordat de darren uitlopen.

Hierdoor worden ook de mijten die zich in deze cellen bevinden uit het volk verwijderd.

Deze methode kan de ontwikkeling van de varroapopulatie afremmen, maar is meestal niet voldoende als enige bestrijdingsmethode.

Een broedpauze maken

Varroamijten planten zich voort in afgesloten broedcellen.

Wanneer een bijenvolk tijdelijk geen gesloten broed heeft, kunnen de mijten zich gedurende die periode niet voortplanten.

Imkers kunnen hiervan gebruikmaken door onder gecontroleerde omstandigheden een broedpauze te creëren.

Dit kan bijvoorbeeld met een tijdelijke opsluiting van de koningin of door een geschikte methode van volkvermeerdering.

Een broedpauze kan ook een geschikt moment bieden voor een behandeling die vooral werkt tegen mijten op volwassen bijen.

Behandeling met mierenzuur

Mierenzuur wordt gebruikt in bepaalde varroabehandelingen en kan onder geschikte omstandigheden ook mijten in afgesloten broed bereiken.

De werking en veiligheid zijn sterk afhankelijk van de gebruikte formulering, temperatuur en toepassingswijze.

Een verkeerde behandeling kan schade veroorzaken aan werkbijen, broed of de koningin.

Gebruik daarom uitsluitend een voor honingbijen toegelaten diergeneesmiddel en volg nauwkeurig de bijsluiter.

Behandeling met oxaalzuur

Oxaalzuur wordt vaak gebruikt wanneer een bijenvolk weinig of geen gesloten broed heeft.

Het middel werkt vooral tegen mijten die zich op volwassen bijen bevinden. Mijten die in afgesloten broedcellen zitten, worden veel minder goed bereikt.

Daarom kan een broedloze periode, bijvoorbeeld in de winter, een geschikt behandelmoment zijn.

Oxaalzuur kan schadelijk zijn bij verkeerd gebruik. Gebruik uitsluitend een toegelaten product volgens de bijbehorende instructies en draag de voorgeschreven bescherming.

Behandeling met thymol

Thymol is een stof die van nature voorkomt in onder andere tijm.

Er bestaan varroabestrijdingsmiddelen die thymol bevatten.

De werking is afhankelijk van onder meer de temperatuur en de juiste toepassing.

Ook natuurlijke stoffen kunnen bij verkeerd gebruik schadelijk zijn voor bijen en mensen.

Daarom geldt ook hier dat uitsluitend toegelaten middelen volgens de bijsluiter gebruikt mogen worden.

Welke bestrijdingsmiddelen zijn toegestaan in Nederland?

Niet ieder product dat tegen varroa wordt aangeboden, mag automatisch in Nederland worden gebruikt.

Controleer daarom vóór aanschaf en toepassing of een diergeneesmiddel voor honingbijen in Nederland is toegelaten.

De Nederlandse BijenhoudersVereniging verwijst hiervoor naar de Diergeneesmiddeleninformatiebank van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen.

 

 
Nederlandse BijenhoudersVereniging

 

 

Gebruik geen zelfgemaakte zuurbehandelingen of geïmproviseerde verdampingsmethoden zonder een toegelaten product en een goedgekeurde toepassingswijze.

Varroa bestrijden gedurende het bijenseizoen

Een goede varroabestrijding begint niet op één vaste datum, maar met het volgen van de ontwikkeling van het bijenvolk.

Voorjaar: maart tot en met mei

In het voorjaar groeit het broednest en neemt ook de voortplanting van varroa toe.

Dit is een geschikte periode om de mijtenontwikkeling te volgen en eventueel biotechnische maatregelen toe te passen, zoals het verwijderen van verzegeld darrenbroed.

Zomer: juni en juli

Tijdens de zomer kan de varroapopulatie sterk toenemen.

Regelmatige metingen helpen om te bepalen of de besmetting onder controle blijft.

Wanneer een behandeling noodzakelijk is, moet rekening worden gehouden met de aanwezigheid van honingkamers en de voorschriften van het gekozen middel.

Nazomer: juli tot en met september

Na de laatste honingoogst is het belangrijk om de varroabesmetting tijdig terug te dringen.

De ontwikkeling van gezonde winterbijen is namelijk essentieel voor het overleven van het bijenvolk.

De exacte behandelingsperiode hangt af van de toestand van het volk en de gekozen methode.

Winter: november tot en met januari

In de winter hebben veel bijenvolken een periode met weinig of geen broed.

Wanneer het volk daadwerkelijk broedloos is, kan dit een geschikt moment zijn voor een daarvoor toegelaten behandeling met oxaalzuur.

De winterbehandeling is geen vervanging voor een tijdige aanpak van een hoge besmetting in de zomer.

Kunnen bijen zelf varroa bestrijden?

Honingbijen beschikken over verschillende natuurlijke gedragingen waarmee zij parasieten kunnen verwijderen of hun voortplanting kunnen beperken.

Sommige werkbijen poetsen mijten van zichzelf of van andere bijen.

Andere bijen herkennen aangetast broed en verwijderen dit uit de cellen.

Dit wordt ook wel hygiënisch gedrag genoemd.

Er bestaan bovendien bijenvolken met eigenschappen die de voortplanting van varroa verminderen.

Imkers en onderzoekers proberen deze eigenschappen door gerichte selectie te versterken.

Toch betekent dit niet dat ieder bijenvolk zichzelf voldoende tegen varroa kan beschermen.

Zonder regelmatige controle kan een besmetting alsnog gevaarlijk hoog worden.

Waarom sterven bijenvolken in de winter door varroa?

Een van de grootste problemen van varroa ontstaat vaak al voordat de winter begint.

Tijdens de nazomer worden de winterbijen geboren.

Deze bijen leven aanzienlijk langer dan gewone zomerbijen en moeten het bijenvolk gedurende de koude maanden in leven houden.

Wanneer winterbijen tijdens hun ontwikkeling worden beschadigd door varroa of virusinfecties, kunnen zij verzwakt de winter ingaan.

Hierdoor neemt de levensduur van deze bijen af.

Het gevolg kan zijn dat het wintervolk steeds kleiner wordt en uiteindelijk onvoldoende bijen overhoudt om te overleven.

Daarom is een goede varroacontrole in de zomer minstens zo belangrijk als de verzorging van het bijenvolk tijdens de winter.

Veelgestelde vragen over varroa

Heeft ieder bijenvolk varroa?

In Nederland komt varroa zeer algemeen voor bij honingbijenvolken. Ook wanneer een volk geen zichtbare problemen heeft, kunnen er mijten aanwezig zijn.

Kunnen bijen zonder behandeling overleven?

Sommige volken beschikken over natuurlijke eigenschappen waarmee zij de varroapopulatie beter kunnen beperken. Veel andere volken lopen zonder effectieve bestrijding een groot risico op ernstige verzwakking of sterfte.

Kun je varroa volledig uitroeien?

In de praktijk is het zeer moeilijk om varroa blijvend uit een bijenvolk te verwijderen. Zelfs na een succesvolle behandeling kunnen nieuwe mijten worden binnengebracht door bijvoorbeeld vervliegen en roverij.

Is varroa gevaarlijk voor mensen?

Nee. De varroamijt is gespecialiseerd in honingbijen en vormt geen parasitair gezondheidsrisico voor mensen.

Kun je honing eten van bijen met varroa?

Ja, een varroabesmetting maakt honing op zichzelf niet ongeschikt voor consumptie. Wel moeten imkers bij behandelingen rekening houden met de voorschriften voor honingkamers en eventuele wachttijden om ongewenste residuen te voorkomen.

Moet je varroa melden bij de NVWA?

Varroamijtziekte heeft een bijzondere wettelijke status. Omdat varroa al in Nederland gevestigd is, hoeft een gewone varroabesmetting niet bij de NVWA te worden gemeld. Voor andere bijenziekten kunnen wel meldplichten gelden.

 
NVWA

Een gezond bijenvolk begint bij goede controle

Varroa is een parasiet waarmee vrijwel iedere Nederlandse imker te maken krijgt.

Door de ontwikkeling van de mijt te begrijpen, regelmatig te meten en op het juiste moment maatregelen te nemen, kan de schade aan het bijenvolk aanzienlijk worden beperkt.

Het belangrijkste is om niet te wachten totdat de eerste misvormde bijen zichtbaar worden. Op dat moment kan de besmetting al ver gevorderd zijn.

Een gezond bijenvolk vraagt daarom om aandacht gedurende het hele seizoen, van de eerste voorjaarscontrole tot de voorbereiding op de winter.

Door varroa tijdig te herkennen en op een verantwoorde manier te bestrijden, help je jouw bijenvolk gezond en sterk te blijven, zodat duizenden bijen ieder voorjaar opnieuw kunnen uitvliegen.

Lees dit ook

Beginnen met bijen houden

Het leven van een bij

Hoe groot wordt een bijenvolk

Waarom zwermen bijen

De imkeragenda

Wanneer honing oogsten