Aardappels kweken in de moestuin.

Inleiding

De aardappel is één van de meest betrouwbare en dankbare groenten voor de moestuin. Met relatief weinig werk levert dit gewas een mooie opbrengst op en is het geschikt voor zowel beginnende als ervaren moestuiniers.
Op deze pagina lees je hoe je aardappels voorkiemt, poot, verzorgt, oogst en bewaart, afgestemd op het Nederlandse klimaat.


Een korte geschiedenis van de aardappel

De aardappel komt oorspronkelijk uit Zuid-Amerika, waar hij al duizenden jaren werd verbouwd. In de 16e eeuw werd hij naar Europa gebracht. In eerste instantie werd de aardappel met argwaan bekeken, maar al snel bleek hoe waardevol dit gewas was.

In Nederland groeide de aardappel uit tot een belangrijk basisvoedsel. Door de hoge opbrengst per vierkante meter en de goede bewaareigenschappen werd hij onmisbaar in zowel de landbouw als de moestuin.


Wat voor soorten aardappelen zijn er?

Aardappelen worden ingedeeld op basis van het oogstmoment:

  • Vroege aardappelen

  • Middellate aardappelen

  • Late aardappelen

Door verschillende soorten te telen kun je oogsten van het begin van de zomer tot ver in het najaar.


Wanneer aardappelen poten?

Aardappelen worden niet gezaaid maar gepoten.

  • Voorkiemen: februari – maart

  • Potentijd: maart – april

  • Oogst: juni – oktober

De grond moet niet te nat zijn en langzaam opwarmen. Een bodemtemperatuur vanaf ongeveer 8–10 °C is geschikt.


Voorkiemen van aardappelen

Voorkiemen is niet verplicht, maar vooral bij vroege aardappelen zinvol.
Leg pootaardappelen 2 tot 4 weken voor het poten op een lichte, koele plek. Zo ontstaan korte, stevige kiemen.

Gebruik bij voorkeur pootaardappelen en geen consumptieaardappelen.


Aardappelen poten

  • Plantdiepte: 10–15 cm

  • Plantafstand: 30–40 cm

  • Rijafstand: 60–70 cm

Leg de pootaardappel met de kiemen omhoog en dek af met aarde.


Standplaats en verzorging

  • Standplaats: zonnig

  • Bodem: luchtig, humusrijk en goed doorlatend

  • Water: regelmatig bij droogte, vooral tijdens de knolvorming

  • Voeding: compost of organische mest bij het poten

Te veel stikstof zorgt voor veel loof en weinig aardappelen.


Aanaarden (belangrijk)

Aanaarden is essentieel bij aardappels.

  • Start wanneer het loof ±15–20 cm hoog is

  • Herhaal dit 2 tot 3 keer

  • Maak ruggen van ongeveer 20–30 cm hoog

Dit voorkomt groene aardappelen en stimuleert de knolvorming.


Onderhoud tijdens de teelt

Houd het bed in het begin onkruidvrij. Zodra de planten groter zijn, onderdrukken ze onkruid grotendeels vanzelf.
Controleer bij warm en vochtig weer extra op ziektes.

Combinatiegroenten na aardappels

Als de aardappels zijn gerooid, is de grond lekker los en goed bewerkbaar.
Dit is een ideaal moment om er een andere groente in te telen.

De groenten hieronder worden na de aardappels geplant.
Dit noemen we combinatiegroenten.

Geschikte combinatiegroenten na aardappels

  • Bonen

  • Prei

  • Kool

  • Maïs

  • Sla

  • Spinazie

  • Veldsla

Geen geschikte combinatiegroenten na aardappels

  • Tomaat

  • Paprika

  • Aubergine


Ziektes en plagen

De bekendste ziekte bij aardappels is aardappelziekte (Phytophthora).
Deze komt vooral voor bij warm en vochtig weer en tast het loof aan.

Belangrijke aandachtspunten:

  • Zorg voor voldoende lucht tussen de planten

  • Geef water bij de voet van de plant

  • Plant aardappels niet dicht bij andere nachtschades


Vruchtwisseling

Plant aardappels niet elk jaar op dezelfde plek.
Hanteer een rustperiode van minimaal 3 jaar, bij voorkeur 4 jaar, om ziektes en bodemproblemen te voorkomen.


Oogsten van aardappelen

  • Vroege aardappelen: oogsten tijdens of kort na de bloei

  • Middellate en late aardappelen: oogsten wanneer het loof afsterft

Oogst bij voorkeur bij droog weer.


Aardappelen drogen en bewaren

Laat de aardappelen na het rooien kort drogen op een luchtige plek uit de zon.
Bewaar ze daarna:

  • koel

  • donker

  • goed geventileerd

Controleer de voorraad regelmatig en verwijder beschadigde knollen.


Aardappelen telen in pot, zak of ton

Aardappelen kunnen ook prima worden geteeld in een zak, emmer of ton.
Tijdens de groei vul je steeds aarde bij, net als bij aanaarden in de volle grond. Dit is ideaal voor kleine tuinen en balkons.


Samenvatting

Aardappelen zijn een betrouwbaar startgewas in de moestuin. Ze vragen weinig, leveren veel op en maken de grond klaar voor een volgende teelt. Met de juiste verzorging en een slimme opvolging haal je maximaal rendement uit je moestuin.